zondag 13 december 2015

Viñuela, Las Mayoralas.



Onze Nederlandse vriend Peer vertelde ons over een mooie staanplaats voor de camper, in de ongerepte natuur, dicht bij een meer. Hij wilde ons laten zien waar het was. Om me voor te bereiden had hij de plaats reeds aangewezen op Google-maps. We zouden dinsdag 8 december ’15 vertrekken. Op maandag controleerden we de weersvoorspellingen. Deze  waren niet te best voor de komende dagen dus stelden we de uitstap uit. Op woensdag kregen we plots een mail van Peer dat hij vertrokken was naar Viñuela. Dat vond ik bizar want wij zaten wel in de zon in Rinçon de la Victoria maar zagen donkere wolken boven de bergen hangen. Op vrijdag 11 december leken de weersomstandigheden aan de beterhand  en reden we dus Peer tegemoet. Een toffe rit met prachtige vergezichten en een rustige weg brachten ons bij het stuwmeer. De laatste kilometers ging de rit over een kiezelweg.  dat was geen probleem voor onze camper, die had al voor hetere vuren gestaan. Rustig reden we naar de coördinaten die ik vooraf genoteerd had. Onze tablet bracht ons feilloos bij 36,90579N en 4,18767W. Een prachtige plek vlakbij de rivier Rio Guaro, die het meer van water voorziet.

Tegen de middag waren we ter plekke. Onderweg hadden we een bordje gezien:  “Compejo Turistico Las Mayoralas y restaurante”. Nieuwsgierig als we zijn deden we direct na onze aankomst een verkenning van de buurt en trokken we bergopwaarts richting "Restaurante". Het gebeurt wel vaker dat we een restaurantje aandoen bij een wandeling.  Het was tegen 15:45 uur dat we bij het complex aankwamen. De man achter de bar vond het helemaal geen probleem om ons nog te bedienen. Toegegeven, het was wel een eigenaardig uur om bij een restaurant aan te komen, te laat voor de middagdienst en zeker te vroeg voor het diner. Een Cesars salade was mijn voorgerecht; een waterzooi van gegrilde zeeduivel de “plat de resistance”. Veel weerstand heb ik wel niet geboden,  het was een smaakbom van jewelste. Vreemd, dat er in zo’n afgelegen oord dergelijke sterrenmaaltijden geserveerd worden. We prezen de kelner om deze heerlijke maaltijd. Na de hoofdschotel kwam de chef zelf de “honneurs” waarnemen. We prezen hem voor zijn lekkere bereidingen. In het kort gesprek  kwam ter sprake dat we in Brugge wonen.  Brugge, sprak hij fier, dat ken ik, ik werkte daar bij “De Karmeliet”. Meer uitleg hoefde dus niet; deze chef was niet de eerste de beste.  We gaan er zeker nog eens langs. De prijzen, 5€ voor een Cesar's salade en 12,5€ voor de zeeduivel, zijn haast belachelijk als je ze met Brugse prijzen vergelijkt.

Tevreden liepen we terug naar het meer en onze camper. Evaluatie van de eerste dag : geslaagd.
Zaterdag waren we vroeg gepakt en gezakt voor een wandeling langs het meer. De olijfboomgaarden geurden in de winterzon; hier en daar werd de rust verstoord door noeste olijfplukkers. Het plukken  gebeurde met een grote mechanische vork, aangedreven door een benzine motortje, type heggenschaar. De vork wordt tegen de takken van de olijfboom gehouden. Deze gaat fel schudden en  laat zo de olijven in de netten vallen, die onder de boom opengespreid liggen. Een techniek die we  in de Provence ook al gezien hadden.
Het werd een prachtige dag met een picknick in de wijde natuur en in volle rust. Tegen de late middag begon de zon zich langzaam te verschuilen achter dikker wordende nevels, tijd om terug naar de camperplaats te keren.
Op zondag was het een ander paar mouwen, bewolkt en grijs weer; daar waren we niet voor gekomen. Ook de nachten waren nogal fris. Om te slapen was er geen probleem :ons dekbed en onze geliefde zorgden voor de prima temperatuur maar eens uit bed moest de verwarming aan. Temeer dat het meer toch op een zekere hoogte ligt en dus de temperaturen navenant zijn.
We hadden op voorhand de duurtijd niet bepaald en onze vriend Peer hadden we ook niet getroffen. Hij was de woensdag zelf reeds naar Nerja doorgereden, dus teken voor ons om huiswaarts te trekken doch niet zonder Alcaucin en Viñuela te bezoeken, dorpjes die met stip genoteerd stonden in Christientjes “te-bezoeken-boekje”.
Moe maar tevreden kijken we terug op een geslaagde uitstap!

zaterdag 5 december 2015

Jasmijn nacht




Het is 22 uur, Andalusië rust, ik heb nood aan het weidse zicht over een donkere zee. Genietend van de duisternis op ons dakterras word ik bedwelmd door een zoete geur, de jasmijn verleid zijn omgeving  met een verslavende prikkeling van de neus.
Soms komt die geur amper voor, dan is ze weer pertinent aanwezig maar nooit is ze volledig verdwenen. Dat is een van de geneugtes van ons verblijf aan de Middellandse Zee.  Het mag dan al wat frisser worden dat een fleecevestje verdragen wordt, de momenten buiten zijn ankerpunten van ons verblijf hier. Nu ook weer, ik roep Christine naar buiten om mee de parfums op te snuiven, de stijgende vochtigheid van de koelende avond geeft een extra sterke geur vrij, oh jasmijn wat worden we wild van je geur!

dinsdag 1 december 2015

Mieren

Reeds van bij de aankoop in januari van onze winterstek in Rincon de la Victoria bleken er mieren te zitten onder ons dak. We maakten daar geen probleem van, we zouden dat wel meester kunnen.
Nu, het is 1 december ’15, zijn we nog steeds bezig met ze te bestrijden. De hoeveelheid is al fel verminderd, de “miersnelwegen” zijn verdwenen maar we moeten toch nog regelmatig “nazorg” plegen.
Daar we niet of toch zeer moeilijk bij het dak kunnen hebben we ze aangepakt onderweg en aan de grond. Omdat ze steeds langs de hoek van voor- en zijgevel naar boven liepen hadden we koffiepads gelegd omdat we op internet lazen dat mieren de geur van koffie niet goed verdragen. Enkele dagen hielp dat blijkbaar maar vlug hadden de slimmeriken er iets op gevonden. Ook het gieten van azijn op de muren kon ze niet lang afschrikken. Uiteindelijk heeft het strooien van mierenpoeder op de plaats waar ze omhoog kropen en onderweg op plaatsen waar ze langs liepen het hun zo vervelend gemaakt dat ze aan het wegtrekken zijn.
Telkens als we dachten het pleit gewonnen te hebben was er weer een opstoot, een echte mierenplaag…
Zo hebben we enige tijd geleden de baan naar boven en de vermoedelijke ingang onder de dakpannen aan het bespuiten geweest met water, we hebben hier een grote waterdruk dus de felle straal spoot de mieren die onderweg waren langs de gevel in een grote boog weg, het was een soort waterpretpark Aqualibi voor hen dus. Ook de ingang van de nest werd fel bespoten zodat ze binnen natte voeten kregen. Of dat iets geholpen heeft weten we niet zeker.

De laatste week kunnen we ons beperken tot het doodknijpen van een tiental verzetsstrijders per dag, dat zullen we vermoedelijk nog even vol moeten houden maar ik weet het, de aanhouder wint!

dinsdag 17 november 2015

Lastpost


Op 12 november zag ik op het nieuws een verslag van de Last Post gespeeld aan de Menenpoort in Ieper. Dit ter nagedachtenis van de wereldoorlog 1. Op 13 november 2015 zag ik in de laatavond uitzending op dezelfde tv-zender een verslag van de barbaarse aanslagen op de concerthal Bataclan, verschillende bars en het Stade de France voetbaltempel in en om Parijs. Hier waren het lastposten met verdraaide geesten die jonge mensen de schrik van hun leven bezorgden of hen dat ontnamen. In naam van hun god zeggen ze, in naam van Satan denk ik. Jongens, niet steeds de slimsten van de klas, worden door haatdragende predikers van een verderfelijke gedachtegang geïndoctrineerd. Zo herinner ik me van mijn legertijd het verhaal van een acteur die op een elektrische stoel zat en die door proefpersonen ogenschijnlijk geëlektrocuteerd werd. De proefpersonen zagen hoe groot de spanning was die op de man werd toegepast en toch deden ze verder in het belang van de proef. Ook bij de zelfmoordaanslagen van 13 november worden goedgelovige jongens gebruikt om onmenselijke taken te laten uitvoeren zonder dat dezen de gevolgen ervan overzien. De haatpredikers zijn de echte lastposten waar we ons moeten van ontdoen. Voorgoed!

zondag 8 november 2015

Help, mijn kleinzoon wordt zo “volwassen”

Deze week kreeg ik van Bojan, mijn schoonzoon, enkele foto’s van een Halloween-feestje in de “Kleine Hedonist”.
Je kan niet geloven hoe ik verschoot, mijn kleinzoon Louis ziet er zo groot uit, onvoorstelbaar hoe je in enkele maanden tijd een jongen ziet verpoppen in een jong-volwassene. De stem was al zwaarder geworden, nu zijn de “looks” ook helemaal aan het veranderen. Leuk om zien is dat.
Een groeiende adamsappel als een rijpe avocado, uitzwermende wenkbrauwen, lichte baard… allemaal tekens van hetzelfde fenomeen dat zich voor mijn ogen voltrekt. Leuk dat ik dat mag meemaken.
Soms heb ik het gevoel dat ik al in mijn bonustijd zit, als ik de ouderdom van vader en grootvader bekijk en mijn beide broers die er niet meer zijn denk ik: ”man, geniet van elk moment dat je krijgt, zolang je het krijgt”. Als je dan je kleinzoon ziet ontpoppen is dat zo aangenaam, ik ben mijn dochter oh zo dankbaar voor dit geschenk.
Die blik en dat gezicht doen me denken aan mijn oudste broer, Guido, als hij jong was. Hij had ook zo’n speciale look in zijn blik wat ik nu ook weer zie. Is het nostalgie? Ben ik de enige die dat zo ziet? Ik weet het niet en het maakt niets uit, ik ben gelukkig met wat is zoals het is!

En meer moet dat niet zijn zeker?